Alvast kijken  |   Alvast luisteren

Recensies

Klaas Stok soevereine leider in de Matthäus

Door: Henk Slik

DEVENTER – Het Matthäusgeweld is weer losgebarsten. Uitvoeringsmogelijkheden te over. In de vrije hertaling van Jan Rot bijvoorbeeld , in een andere - dicht bij de bron blijvende - Nederlandse versie van vertaalster Ria Borkent, in afgeslankte vorm waarin de solisten tevens het koor vormen.

Sinds kort is er zelfs een korte versie voor kinderen (de ‘Zapp Mattheus’ van Simon van der Geest).

Het lijdensverhaal van Jezus houdt de gemoederen aardig bezig. Ook het TV-spektakel ‘The Passion’ was weer volop in het nieuws. Zet een aantal BN’ers in de frontlinie, laat een regisseur in DWDD lyrisch vertellen over het mooiste TV- shot dat hij zal maken en er is weer een kijkcijfer hit gecreëerd.

De ‘Matthäus’ in de Deventer Bergkerk leunt heel dicht aan tegen de oorspronkelijke bedoeling van Bach: een uitvoering met koor en orkest in een kruisopstelling . Knap lastig voor een dirigent. Met publiek voor en achter zich, pendelend vanuit het hart van de kerk naar zijn beide koren en orkesten, slaagde Klaas Stok er voortreffelijk in de balans te bewaken. Met soepele, duidelijke handbewegingen. Gevolg: genuanceerde, vol overgave gezongen koralen van het Deventer Vocaal Ensemble, Consensus Vocalis, een klare bijdrage van het Stadsjongenskoor Oldenzaal en een flitsend stereo-effekt. Ondersteund door vakkundige begeleiding van Concerto d’Amsterdam.

Voor een geslaagde uitvoering ben je tevens zeer afhankelijk van de solisten, zeker als ze door de gekozen opstelling zijwaarts moeten zingen, met geluidsreductie als consequentie. Bijvoorbeeld merkbaar in de (warme) bijdragen van André Morsch (Christus). Vanuit zijn hoge kanselpositie had Nico van der Meel daar geen last van. Hij verkondigde zijn boodschap degelijk en beheerst.

Evenals de soms lekker fel uitpakkende tenor Fabio Trümpy (‘Geduld , Geduld’). Sopraan Nele Gramss liet qua zuiverheid af en toe een steekje vallen, maar leverde wel een mooi duet af met de alt Luciana Mancini. Laatstgenoemde leverde in een mooie cadans en met vloeiende overgangen van hard naar zacht de indrukwekkendste bijdragen af (‘Erbarme dich’ en ‘Können Tränen meinenWangen nichts erlangen’). Bariton Hugo Oliveira slaagde daar in de aria ‘Gerne will ich mich bequemen’ bepaald niet in, maar bleef verder goed overeind.

Gezien: Bergkerk Deventer 28/3
(Bron: De Stentor - Deventer Dagblad - 30-3-2013)

Bliksem en ontroering in Deventer Matthäus Passion

door René de Cocq

Mooie momenten genoeg, in de jaarlijkse Matthäus Passion-productie onder leiding van Klaas Stok in de Deventer Bergkerk. Maar ook: indrukwekkende momenten, en aangrijpende. De opstelling van de twee koren (en orkesten) tegenover elkaar in het hart van de kerk heeft zich al lang bewezen als een belangrijke toegevoegde waarde, door de accentuering van het spannende dialoogeffect op een aantal plaatsen in Bachs meesterwerk, maar deze keer was die werking wel heel effectief. In het felle Blitze und Donner-koor schoten bliksem en donder haast tastbaar door de ruimte.

De ontroering school deze keer vooral in de bijdragen van de alt Luciana Mancini, die niet alleen in het legendarische ‘Erbarme dich’ het hart raakte, maar ook in de aria’s ‘Ach, nun ist mein Jesus hin’ en ‘Können Tränen’ grote indruk maakte. En natuurlijk ook in de rol van tenor Nico van der Meel, die als Evangelist niet alleen de verteller was, maar vooral de geëmotioneerde ooggetuige van het lijdensdrama.

De meeste andere solisten leverden gedegen werk, met als hoogtepunten de bas Mattijs van de Woerd in de gamba-aria ‘Komm süsses Kreuz’, de tenor Niels Giebelhausen in het recitatief ‘Mein Jesus schweigt’, de bas Marc Pantus in het vertwijfelde ‘Eli, Eli, lama sabathani’. De sopraan Miriam Allan beschikt over een te klein stemgeluid om in deze kerkruimte te overtuigen.

De twee (kamer)koren van Klaas Stok zijn aardig aan elkaar gewaagd, al telt het Twentse koor wat meer echt geschoolde stemmen. Van dat laatste maakte Stok goed gebruik door enkele koorzangers in te zetten voor kleine solistische bijdragen. Dat de koren ver van elkaar staan leverde een of twee keer een kleine ongelijkheid op, maar Stok is vakman genoeg om dat meteen weer recht te krijgen.

Het Stadsjongenskoor Oldenzaal leverde in het eerste deel, in de twee stukken waarin het een rol vervult, markante bijdragen.

Helende Matthäus Passion in Bergkerk

(Bron: De Stentor - door Maarten Mestrom. vrijdag 22 april 2011

RECENSIE - Het openingskoor van de Matthäus in de Bergkerk is een overweldigende ervaring. De verschillende stemmen - het linkerkoor, rechterkoor en het jongenskoor achterin de kerk - golven door en tegen elkaar als in een kosmisch spel van krachten.

Als je goed luistert, hoor je dat door Bach ook de instrumentale begeleiding op het Venetiaanse cori spezzati is gebaseerd: achtstenfiguurtjes links worden rechts overgenomen en vice versa in voortdurend vraag en antwoord.

Het effect - ook in de andere koorpassages - is zo overtuigend en duidelijk dat je blijft afvragen waarom de Matthäus niet standaard op deze manier uitgevoerd wordt. Al zijn er ook nadelen aan de opstelling in de Bergkerk. De solist die ten opzichte van de luisteraar aan de andere kant van de koren staat is niet optimaal te horen.

Hoewel het cori spezzati het meest opvallend is van de Matthäus door het Deventer Vocaal Ensemble en Consesus Vocalis onder leiding van dirigent Klaas Stok, is de uitvoering op witte donderdag ook in andere opzichten gedenkwaardig. Stok kiest mooie tempi. Vaak levendig, soms opstandig, zoals in de basaria Gebt mir meinem Jesum wieder, gezongen door de uitstekende Tyler Duncan. Maar ook zuchtend en bijna stilstaand, zoals in de altaria Können Tränen, fantastisch gezongen door Luciana Mancini - één van de hoogtepunten van deze avond.

De sfeer is bezield en spiritueel, mede dankzij tenor Nico van der Meel die met zijn trefzekere en expressieve tekstvoordracht de 'evangelist der evangelisten' is.

Veel indruk maakt sopraan Gudrun Sidonie Otto. Aus Liebe - in een totaal verstilde kerk - is het serene kantelpunt van dit wonderbaarlijke oratorium dat als een helende kracht op de toehoorder inwerkt. Rest slechts één voorstel: zullen we de oude gewoonte om na afloop niet te klappen in ere herstellen? Zodat de luisteraar de stilte mee naar huis neemt?

Kruisvorm Matthäus subliem uitgevoerd in Bergkerk

(Bron: Stentor - Deventer Dagblad - 3 april 2010)

Dat de Stichting Matthäus Passion tweemaal een grote kerk kan vullen met de uitvoering van Bach's grootste passie, zegt eigenlijk al genoeg: kwaliteit wordt herkend. Ook dit jaar mocht het publiek zich weer onderdompelen in een fascinerende interpretatie van het lijdensverhaal.

De musicologische achtergrond van 'de kruisvorm' mag inmiddels bekend worden geacht. Voor musicologen is de symboliek in Bach-werken nog altijd een welgevallige aangelegenheid. Bijzonder interessant, maar als luisteraar in de Bergkerk heeft men geen getallenreeksen of aanduidingen van dwarsbalken nodig om de grootsheid van de 'Matthäus' te ondergaan. Hier heeft men genoeg aan de doortastende, overzichtelijke interpretatie die onder de handen van dirigent Klaas Stok tot stand komt. Op de regie in de beschikbare ruimte is niets aan te merken. De stereo opstelling van de koren en beide orkesten in de dwarsbeuk, het jongenskoor gepositioneerd voor het grote orgel, de evangelist die van de kansel zijn verhaal doet; het lijkt allemaal zo gewoon. Toch zijn het tevens dit soort aspecten die deze Matthäus zo krachtige maken. De koren leveren sublieme prestaties, de instrumentalisten presteren groots.

Ook dit jaar zijn weer uitmuntende vocale solisten gecontracteerd, die solistisch en met elkaar staan voor een gedreven vertolking. Heel bijzonder is de goede verstaanbaarheid. Daar is aan gewerkt - en met resultaat. Bovendien is merkbaar dat alle uitvoerenden vergroeid zijn met de partituur én kunnen vertrouwen op de gestiek en uitstraling van dirigent Klaas Stok. Men mag deze 'Matthäus' ondergaan als een Gesamtkunstwerk avant la lettre. Dialogen zijn nauwsluitend, reflecterende passages geven verdieping , de klank straalt en op de onderlinge verhoudingen is weinig af te dingen. Hier hoort men jarenlange ervaring, die in dienst is gesteld om - respectvol en in doorleefd idioom - te komen tot een totaalresultaat.

Nico van der Meel - tenor/evangelist, Jelle Drayer - bas/Christus, Nele Gramms - sopraan, Luciana Mancini - alt, Christian Dietz - tenor, Tyler Duncan - bas.

door Elly van Plateringen (bijgewoond op 1 april)

Veel hoogtepunten in Matthäus Passion

(Bron: De Stentor – Deventer Dagblad – 11 april 2009)

Deventer – De Matthäus Passion van Johann Sebastian Bach is niet alleen verreweg het meest gespeelde stuk muziek in de dagen voor Pasen, zeker in Nederland, maar telt ook enkele absolute topnummers, hits zou je het kunnen noemen, die de geliefdheid voor het hele werk overstijgen. Serkste voorbeeld: de altaria Erbarme dich. Behalve dat stuk (voorbeeldig uitgevoerd door Karin van de Poel) vielen in de uitvoering in de Deventerbergkerk gisteravond nog wel meer absolute hoogtepunten te beleven. Zoals het verstilde arioso Mein Jesu schweigt zu falschen Lügen stille (tenor Christian Dietz), de sopraanaria Aus Liebe (Gudrun Otto), de basaria Komm süss Kreuz (Hugo Oliveira), de altaria Ach nun ist mein Jesus hin (met die sublieme koorpartij voor Consensus Vocalis). En vooral de doorleefde verteltrant van tenor Noci van der Meel in de rol van de evangelist (soms zelfs met ietwat overslaande stem): beter kun je het niet wensen. De bas Tom Sol imponeerde met zijn machtige stemgeluid in de Christusrol.

En dan die koren, opgesteld tegenover elkaar, geleid met de swingende lichaamstaal door de gedreven Klaas Stok, met felle contrasten tussen woede en ingetogenheid, tussen geweld en twijfel: de kruisvormige opstelling in de Bergkerk deed gister ook weer wonderen. Het enige bezwaar dat er tegen te maken zou kunnen zijn, is dat de vocale solisten soms de neiging hebben zich of wel naar de ene, ofwel naar de andere zijde van de kerk te wenden, waardoor de andere kant iets aan beleving (en soms detaillering) tekortkomt. En in geval van de vrouwelijke solisten ook wat stemvolume. Maar de winst van de stereo-effecten die de dubbelkorige delen hier optimaal meekrijgen, de kracht van de muzikale dialoog, nemen dat kleine bezwaartje geheel weg.

De Oldenzaalse jongens zetten tweemaal een haarscherpe cantus firmus neer; het barokorkest Concerto dÁmsterdam begeleidde met attent vakmanschap; er viel volgens mij maar één hobonootje naast het podium.

door René de Cocq.

Zeggingskracht in Deventer 'Matthäus'

Het passieverhaal rond het verraad, de berechting en de terechtstelling van Christus kent, behalve felheid en opwinding, ook ogenblikken van grote verstilling.

(Bron: De Stentor - Deventer Dagblad - 22 maart 2008)

Zeggingskracht in Deventer 'Matthäus'

DEVENTER - Het passieverhaal rond het verraad, de berechting en de terechtstelling van Christus kent, behalve felheid en opwinding, ook ogenblikken van grote verstilling.

Dirigent Klaas Stok koos er vrijdagavond voor die momenten veel aandacht te geven, zodat ook heel kleine gebeurtenisjes een verdiepte lading kregen. Zoals het moment dat Jezus weigert in te gaan op de tegen hem ingebrachte beschuldigingen, en de evangelist constateert: Aber Jesus schwieg stille. Rond die tekst liet Stok ook veel stilte vallen, de zeggingskracht was enorm.

Maar ook felheid en opwinding kregen hun deel, zeker ook in de bijdragen van Stoks twee kamerkoren, die vanaf de eerste maten met grote overgave de gebeurtenissen droegen en becommentarieerden, in koren en koralen. Het lijkt erop dat het vooral uit amateurzangers bestaande Deventer koor het semi-professionele Oldenzaalse koor aan het inhalen is: de kwaliteit is ten opzichte van vorig jaar merkbaar gestegen.

Het solistenkorps maakte indruk, tot de ingevallen tenor Fabio Trümpy toe, die met zelfbewustzijn zijn weinige werk uitstekend deed. Sopraan Nele Gramss en countertenor Maarten Engeltjes deden niet voor elkaar onder in hun dragende aria's, de bas Tyler Duncam overtuigde in zijn kleine rollen en in zijn aria's, tenor Christian Dietz was een heldere evangelist, gepast emotioneel waar nodig. De ster was de bas Marc Pantus, die met imposant stemgeluid een waardige Christus neerzette.

De begeleiding door Concerto d'Amsterdam was boven elke kritiek verheven: lenig, swingend, subtiel, warm, ingetogen, alles zat erop. De twee gambabijdragen van Wilma van der Wardt, altijd spannende momenten, kwamen goed uit de verf. De kruisvormige opstelling van de uitvoerenden bewees ook dit jaar haar effectiviteit, vooral in de wisselwerking tussen de tegenover elkaar staande koren. Spannend, soms zelfs flitsend.

door René de Cocq

"Expressieve Matthäus Passion" 2007

...de wisselwerking tussen de beide koren is spannend en effectvol, en het is heel bijzonder als een solist met een klein ensemble aan de ene kant te horen is en zijn aria aan de andere kant door koor en orkest wordt ondersteund...

(Bron: de Stentor - Deventer Dagblad - 7 april 2007)

Expressieve Matthäus Passion

Door René de Cocq

DEVENTER - De koralen die door Bach in zijn Matthäus Passion zijn ingevoegd (als illustratie van de emoties die de kerkgemeente bevangen bij het volgen van het Lijdensverhaal) zijn van origine kerkliederen. Maar in de visie van dirigent Klaas Stok hebben ze niets devoots of bezonkens: hij 'neemt' ze in haast onwerkelijk hoog tempo en laat zijn koren (ook daar) flink van leer trekken, ze worden bijna allemaal zowat fortissimo gezongen. Wel heel expressief natuurlijk, zoals de Matthäus Passion door Stok in zijn geheel van grote uitdrukkingskracht is. Illustratief daarvoor is ook de aanpak van tenor-evangelist Nico van der Meer, een veteraan van hoog niveau, die de volgepakte kerk dwingend meenam in de strijd die Jezus te voeren had in zijn laatste dagen.

Met de Passion in kruisvorm, zoals die in de Bergkerk wordt uitgevoerd, maken Stok en de zijnen het zich niet gemakkelijk. En het publiek ook niet: de zichtlijnen bijvoorbeeld zijn hier en daar nogal verstoord (wat met het neerzetten van videoschermen maar deels wordt opgevangen).

De geluidsbalans is ook niet ideaal: een zanger die van je weg zingt is nu eenmaal minder goed te horen dan een die naar je toe zingt. Maar aan de andere kant is er de winst van het 'stereo-effect': de wisselwerking tussen de beide koren is spannend en effectvol, en het is heel bijzonder als een solist met een klein ensemble aan de ene kant te horen is en zijn aria aan de andere kant door koor en orkest wordt ondersteund.

De twee koren waren vrijwel gelijkwaardig van kwaliteit en zongen, steunend op de sterke slag van Stok, met grote accuratesse. Van de solisten maakte de uit het rijke Duitse operacircuit opgediepte bas Günter Papendell grote indruk met een machtige Christuspartij. Countertenor Maarten Engeltjes, gezegend met een wonderbaarlijk warm geluid, maakte vooral van de aria 'Können Tränen meiner Wangen' een wondertje. Tenor André Post en bas Tobias Scharferberger vulden hun partijen adequaat in; sopraan Nienke Oostenrijk mist ietwat het volume dat de Bergkerk vraagt.

Enkele kleine rolletjes (hogepriester, maagden, getuigen) werden uitstekend gezongen door solisten uit de koren; een goede graadmeter voor de grote stemmenkwaliteit in de beide ensembles.

Webdesign: Stipp, Deventer